O. de Kort. Ivo Janssen over Canto Ostinato (Luister,2016, nr.717)

Olga de Kort. Ivo Janssen – ‘Canto Ostinato kan mij nog steeds verrassen’(gepubliceerd in Luister, nr. 717 juli-augustus, p. 42) 

Canto Ostinato. Een compositie die sinds Ivo-Janssen-fotograaf-Gert-Jan-van-Rooijhaar première zevenendertig jaar geleden nog steeds aan populariteit wint en in steeds meer verrassende bezettingen en projecten wordt gepresenteerd. De populariteit van dit alom gespeelde stuk weerhield Ivo Janssen er lange tijd van om zich bij zijn collega’s te voegen. Totdat Simeon ten Holt hem de opname van Canto voor harp liet horen. Sindsdien speelt Janssen Canto solo en in ensembles als Mallet Collective Amsterdam.

‘De eerste compositie die ik van Ten Holt speelde was Soloduiveldans IV’, vertelt Ivo Janssen. Dat was in 1998 op het Minimal Music Festival in Utrecht in het bijzijn van de componist. Het werd tevens mijn kennismaking met Ten Holt, die ik in de laatste tien jaar van zijn leven vrij regelmatig heb ontmoet. Maar Canto Ostinato liet ik heel bewust links liggen. Het werd toen al veel gespeeld, bovendien had ik het idee dat je per se met meerdere pianisten moest zijn. Nadat ik de opname, en later een concert voor harp solo hoorde, dacht ik echter: als het op één harp kan, dan kan het ook op één piano. Ten Holt zelf speelde het eind jaren zeventig ook vaak als solostuk. Ik ging meteen aan de slag, en vond het én mooie muziek én fijn om te spelen’.

Alleen-zijn betekent echter niet om slechts de hoofdmelodie netjes te spelen. De uitdaging van Canto-solo is om het stuk zo polyfoon mogelijk te laten klinken. ‘De partituur biedt veel extra variaties voor de rechter- en linkerhand die je door het stuk kan ‘weven’. Je kijkt dan op welke plekken je ze met een hoofdpartij kan combineren, zodat de indruk kan worden gewekt dat er stiekem toch wel een derde hand meespeelt.’

De stap van solo naar een ensemble met zijn eigen kleur en klankvariaties is zo gemaakt. ‘Alleen zijn heeft natuurlijk z’n voordelen: je hoeft met niemand rekening te houden, niemand anders dan jij bepaalt de voortgang van het stuk. Maar in een ensemble heb je veel meer variatie, spanning en dynamiek. Vooral als je met andere instrumenten speelt, zoals marimba en vibrafoon.’

Het idee om Canto Ostinato in de bezetting voor piano, twee marimba’s en twee vibrafoons uit te voeren, ontstond in 2013, voor het World Minimal Music Festival in het Muziekgebouw aan ’t IJ. ‘Deze combinatie werkt enorm goed. Ik heb Canto eerder met marimba’s gedaan, maar met de vibrafoons erbij klinkt het heel bijzonder. De lange reeks melodieën en muzikale patronen krijgen een heel andere kleur. Ik merk dat deze slagwerkinstrumenten me weleens met hun klank, dynamiek of speelmanier kunnen verrassen, wat mij vervolgens weer beïnvloedt. Dan ontstaat muziek die op improvisatorische wijze op het moment zelf wordt gecreëerd.’ © Olga de Kort, 2016.

Robeco SummerNights, 23 juli 2016: Grote zaal, Concertgebouw Amsterdam: Simeon ten Holt – Canto Ostinato: Ivo Janssen, piano, Mallet Collective Amsterdam – Ramon Lormans, marimba, Dominique Vleeshouwers, vibrafoon, Maikel Claessens, marimba, Vincent Houdijk, vibrafoon.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: