Olga de Kort. Interview met Valentin Silvestrov: ‘Muziek is een momentopname’

Olga de Kort. Interview met Valentin Silvestrov: ‘Muziek is een momentopname’   (gepubliceerd in PianoBulletin, nr. 2 september, 2017)

Op 30 september 2017 viert de Oekraïense componist Valentin Silvestrov zijn tachtigste verjaardag. In maart van dit jaar woonde de energieke componist, die altijd vol plannen zit, de aan hem gewijde Hommage in Den Haag bij, tijdens de eerste editie van het Unheard Festival van het Matangi Kwartet. Gedurende twee dagen kon het publiek van het Korzo Theater kennismaken met zijn bekende en nieuwe stukken in onder andere een avondvullend programma met drie kwartetten, acht liederen, drie koorwerken, drie instrumentale stukken en  drie pianostukken. Tijdens deze Marathon-avond kregen pianoliefhebbers de kans om de wereldpremières te horen van Twee Bagatellen, opus 16 en Twee Stukken, opus 18 (beide uit 2004), uitgevoerd door Saskia Lankhoorn.

De verstilde schoonheid van de pianomuziek van Valentin Silvestrov raakt menig luisteraar en trekt de aandacht van veel pianisten, maar ze roept ook vragen op over de intenties van de componist. Hoe stil is zijn Stille muziek? Kunnen zijn Bagatellen los van elkaar of alleen als een cyclus gespeeld worden? Rekent hij zichzelf tot de componisten van minimal music en kiest hij bewust voor een open einde van zijn stukken? Valentin Silvestrov is bereid om over zijn pianomuziek te praten, maar je kunt het hemd van zijn lijf vragen, hij laat alleen los wat hij zelf belangrijk acht voor het begrip van zijn muziek.V.SilvestrovUw pianomuziek is op dit moment met een inhaalslag in het Westen bezig. Op de website van uw uitgever M.P.Belaieff en bij Naxos worden 200 cycli van Bagatellen vermeld. En dat is slechts een deel van uw pianomuziek, die buiten de internationale muziekpodia is gebleven. Uw uitgever heeft inmiddels drie delen met uw pianowerken klaar. Hoe snel werkt u en hoe lang was u met de Bagatelles bezig?  In muziek kun je je geen haast permitteren. Het ontstaan van een muziekstuk is een moment waarop een componist verplicht is om af te wachten om het juiste moment op te vangen. Ik begon aan mijn Bagatellen in 2004, en had vervolgens een ‘Bagatellen-periode’ van twaalf jaar. Het zijn nu 272 opusnummers geworden met elk drie, vier of zelfs tien stukken. De eerste complete opnamen ervan zijn op 21 cd’s in Kiev gemaakt. De stukken zijn op zich heel kort, maar ze vormen cycli, en deze horen op hun beurt bij een grotere cyclus, elk met de speeltijd van ruim zeventig minuten.

Dat is een waar Bagatellen epos. Hoe stelt u zich een concert met deze stukken voor? Wat mij betreft kunnen ze zonder onderbreking gespeeld worden. Ik heb dan wel het materiaal voor 28 uur van onafgebroken pianomuziek, dus enig geduld is wel vereist. Je kunt één cyclus gerust in een concert spelen, dat is dan precies zeventig minuten zonder pauze. Ik heb wel de voorkeur voor het spelen van een complete cyclus, maar pianisten hoeven voor mij niet alle opussen in chronologische volgorde te spelen. Een beetje creatieve geest vindt zijn weg wel en maakt de juiste keuze.

Uw Bagatellen zijn heel anders dan de pianostukken van Couperin, Beethoven of Webern. Bent u een bedenker van een nieuwe vorm? Mijn muziek is pretentieloos, dat is in onze schreeuwerige en op aandacht verzotte tijd al een nieuwe vorm op zich. De Bagatellen zijn geen miniaturen in de oude betekenis van het woord, maar meer muzikale momenten. Ze kunnen op elk moment ontstaan en ophouden met hun bestaan, daarom is hun tonaliteit open: zoals de deur die open staat, of een rij puntjes aan het eind van een zin. Ze eren de kleine momenten van ons leven.valentin-silvestrovUw pianomuziek is verstild, licht gekleurd, vraagt om concentratie en heeft weinig dynamische veranderingen. Kortom, u vindt het mooi, toch? Dat is fijn om te horen, want ik componeer graag muziek die mooi is. Merkt u niet dat de muziek die mensen mooi vinden, die ze voor hun zielenrust of vanuit een vredige stemmig voor zichzelf willen spelen, uit de concertzalen verdwijnt? Alsof ze door de wind wordt weggewaaid. Je kunt ze nu alleen in films tegenkomen.

Inderdaad in films, maar ook bij minimal music componisten. Ik word daar wel vaak toe gerekend, maar ik gebruik alleen minimale middelen die de muziek haar bestaansrecht geven. In het geval van de Bagatellen zijn dat een melodie en arpeggio’s. Deze laatste noem ik trouwens orfeggio’s, naar de legendarische Orfeus. Hij had aan zijn gezang en de harp genoeg om de hel stil te krijgen. Dus je hoeft geen symfonieorkest op het podium te zetten om mensen te bereiken en ze naar je muziek te laten luisteren.

Uw muziek wordt vaak ‘stille muziek’ genoemd, er zijn ook composities met deze titel. Welke betekenis hebben deze stukken voor u? Ik ben er zeer gehecht aan. Er wordt zo veel herrie over onze wereld uitgestort, ik wilde juist muziek in stille modus schrijven. Als vissen in een aquarium, hebben mensen ook vers water nodig. Ik ben niet bezig met het uitvinden van iets nieuws. Pianomuziek loopt al over van noviteiten. Mijn idee was om het duidelijk te maken hoe mysterieus en ongewoon alle traditionele, duidelijke en begrijpelijke dingen zijn. Noem dat maar het verklanken van de mysterie van het gewone, maar dan op een zen-niveau.

Deze pianostukken worden heel zacht gespeeld maar de klank is zeer rijk aan nuances. Ja, het is net als bij kunstschilders die wit op wit tekenen. De kleur is op het eerste ogenblik dezelfde maar als je beter kijkt, zie je veel nuances. Zo is het ook in mijn muziek. Ik doe het niet expres, hoor, ik werk op gehoor, door het moment zelf op te vangen. Deze muziek komt vanzelf, ik bedenk haar niet, heb dan ook geen schetsen en werk geen improvisaties uit. Als het niet meteen lukt, probeer ik ook niet een stuk te verbeteren, ik wacht af tot het nieuwe moment komt.

U benadrukt vaak hoe belangrijk een momentopname is. Ja, en de Bagatellen laten zien hoeveel mogelijkheden in een kleine vorm besloten zitten. Het is een momentopname omdat er geen ontwikkeling volgt. Het is ja of nee, nu of de volgende keer. Het is een overgangsmoment uit het niets tot het iets. Ik klink waarschijnlijk als een oude klagende man, maar ook dat is uit de hedendaagse muziek verdwenen. Overal moet een concept, een idee zijn. Meteen met een cluster beginnen om het publiek te overdonderen. Maar de muziek ontstaat heel simpel, met een motiefje, vanuit slechts een paar noten. Alles begint met iets kleins, met een melodie of een woord.

Tot de woordenschat van uw pianostukken behoren de muzikale woorden en zinnen van Schubert, Schumann, Bach. U hebt een cyclus Kitsch muziek (1977) die bestaat uit vijf muzikale hommages aan diverse componisten. Dat komt omdat iedereen bij alle gelegenheden zo graag vergelijkingen met Bach, Schubert of Schumann maakt. Ik antwoord altijd dat ik in hun muziek de echo’s van iets hoor wat nog voor hun tijd bestond. Ik denk liever in termen van Plato’s ideeënwereld.

Ik koos expres voor een polemische titel als onderdeel van mijn strijd tegen hoogmoed in muziek. Veel musici en luisteraars hebben een zekere minachting voor  minder verheven – in hun ogen dan –  muziek. Maar je moet je oren open houden. Een mooi voorbeeld is Johannes Brahms, die de walsen van Johann Strauss bewonderde. Beethoven componeerde trouwens ook genoeg simpele melodieën, en bij Bach komen we niet alleen fuga’s tegen. Met mijn ‘kitsch’ pianostukken ging ik dus de strijd aan om muzikale hoogmoedigheid te genezen.

Uw eerste compositie Naïeve muziek uit 1954-55 was voor piano. Nu keert u terug naar dit instrument. Ja, ik begon ermee en zie het zeker zitten als ik met pianomuziek eindig. Net als bij het motet van Guillaume de Machaut Ma fin est mon commencement: mijn eind is mijn begin en mijn begin mijn eind. Na de Zesde Symfonie dacht ik eerlijk gezegd dat ik klaar was, maar toen kwam de behoefte om voor piano te componeren. Zo begon mijn Bagatellen-periode, maar daarover hadden we het al aan het begin van ons gesprek.

Naïviteit is trouwens ook iets wat uit de muziek verdwijnt. Naïviteit en verwondering van Bach, Mozart, Schubert. Je moet er aan vasthouden zelfs als je tachtig jaar oud bent. Dan kun je nog in muziek geloven en iedere dag haar verschijning verwelkomen. ©Olga de Kort, 2017.

Selectie uit de pianowerken van Valentin Silvestrov:

Pianosolo: Naïeve muziek (1954-55), Sonatine (1960), Klassieke Sonate (1963/74), Vijf Stukken (1961), Triade (1962), Elegie (1967), Sonates I-III (1972-79/99), Kindermuziek I-II (1973), Muziek in de oude stijl (1973), Kitschmuziek (1977), Bagatellen (vanaf 2005).

Piano en orkest: Monodia (1965), Postludium (1984), Metamuziek (1992), The Messenger (1996-97), Epitaaf (1999), Twee dialogen met postscriptum (2002).

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: